Nieuw onderzoek suggereert dat de ‘stop-en-start’-aanpak van afslankmedicijnen zoals Ozempic en Wegovy contraproductief kan zijn. Uit een onderzoek van de Perelman School of Medicine van de Universiteit van Pennsylvania blijkt dat het nemen van frequente pauzes van GLP-1-medicijnen de effectiviteit ervan op de lange termijn zou kunnen verminderen en de manier waarop het lichaam op de behandeling reageert zou kunnen veranderen.
Het probleem met “Stop-and-Start”-therapie
Hoewel GLP-1-medicijnen een revolutie teweeg hebben gebracht in de gewichtsbeheersing, is het handhaven van een consistent regime voor velen een belangrijke hindernis. In de Verenigde Staten heeft ongeveer één op de acht volwassenen deze medicijnen gebruikt om af te vallen, maar toch stopt ruim de helft van de gebruikers binnen 24 maanden met de behandeling. Vaak proberen deze gebruikers de medicatie later opnieuw te starten, ervan uitgaande dat ze gewoon verder kunnen gaan waar ze gebleven waren.
Uit een preklinische studie, gepubliceerd in het Journal of Clinical Investigation Insight, blijkt echter dat deze cyclus mogelijk minder effectief is dan continu gebruik.
Onderzoeksresultaten: de kosten van inconsistentie
Om dit te onderzoeken voerden onderzoekers een onderzoek van vier maanden uit met muizen met overgewicht om twee verschillende behandelmethoden te vergelijken:
1. Continue behandeling: Eén groep kreeg gedurende het hele onderzoek consequent semaglutide (een GLP-1-medicijn).
2. Intermitterende behandeling: Een tweede groep volgde een ‘stop-en-start’-patroon: nam het medicijn twee weken lang, pauzeerde twee weken en herhaalde deze cyclus voordat ze overgingen op continu gebruik.
De resultaten lieten een duidelijk nadeel zien voor de intermitterende groep:
– Terwijl beide groepen aanvankelijk gewichtsverlies zagen, kwam de intermitterende groep tijdens elke pauze weer aan.
– Bij het hervatten van het medicijn kon de intermitterende groep niet hetzelfde lage gewicht bereiken als tijdens de eerste cyclus.
– Aan het einde van het onderzoek bleef de intermitterende groep, zelfs na twee maanden van constante behandeling, 20% zwaarder dan de groep die nooit was gestopt.
Het biologische mechanisme: spiermassa beschermen
De studie suggereert dat de verminderde effectiviteit niet alleen te maken heeft met gewichtstoename; het gaat over lichaamssamenstelling.
Gewichtsverlies met GLP-1-medicijnen bestaat doorgaans uit ongeveer 60% vet en 40% spier. Wanneer gebruikers de medicatie stoppen en weer op gewicht komen, bestaat het grootste deel van dat gewicht uit vet. Hierdoor ontstaat een gevaarlijke cyclus die de balans van het lichaam verschuift.
Onderzoekers identificeerden een fenomeen dat wordt beschreven als een “spiervloer”. Via MRI-monitoring hebben ze waargenomen dat het lichaam biologische signalen lijkt te sturen om verder spierverlies te voorkomen zodra een bepaalde drempel is bereikt. In wezen begint het lichaam zich te verzetten tegen gewichtsverlies om de resterende spiermassa te beschermen, waardoor het moeilijker wordt om significante resultaten te bereiken in daaropvolgende behandelingscycli.
Wat dit betekent voor patiënten
Hoewel deze bevindingen gebaseerd zijn op diermodellen en verdere klinische proeven op mensen vereisen, zijn de implicaties voor de medische praktijk aanzienlijk. Het onderzoek benadrukt twee cruciale gebieden voor toekomstige focus:
- Langdurige inzet: GLP-1-medicijnen zijn mogelijk niet de ideale keuze voor personen die worstelen met de dagelijkse of wekelijkse therapietrouw.
- Spierbehoud: Om de “afnemende opbrengsten” van deze medicijnen tegen te gaan, moeten artsen mogelijk de nadruk leggen op krachttraining en een hoge eiwitinname om de spiermassa te beschermen tijdens het gewichtsverliesproces.
“De effectiviteit van deze medicijnen kan sterk afhangen van de consistentie”, merkt Dr. Thomas H. Leung van de Universiteit van Pennsylvania op. “Het gebruik van GLP-1’s kan een van die beslissingen zijn die mensen met hun arts moeten bespreken en nemen.”
Conclusie: Intermitterend gebruik van GLP-1-geneesmiddelen kan leiden tot gewichtstoename en een biologische resistentie tegen verder gewichtsverlies. Om deze medicijnen het meest effectief te laten zijn, zijn consistentie en strategieën om de spiermassa te behouden essentieel.

























